GeorgeSports Logo

 

“Monsieur Chrono”: het mysterie

2010-07-13, door: George Sieverding

Nieuwe column    <    Overzicht    >    Oude column


Wielrennen. De sport van het volk. Het volk, fans en toeschouwers, menen zich te herkennen in de “man tegen man gevechten”, het afzien, het nooit willen opgeven. Zij identificeren zich met de grote kampioenen. Grote kampioenen groeien uit tot een symbool van hun tijd. Drukken een stempel op hun tijdperk. Voegen niet zelden iets toe aan de sport. Fausto Coppi, “uitvinder” van het systeem kopmannen en knechten. Rik van Looy volmaakt dit systeem en Lance Armstrong verheft het tot een kunst. Anquetil levert prestaties, tot dan toe voor onmogelijk geacht. De grenzen van het menselijk vermogen worden verlegd. Opvattingen over de training, principes en dogma’s, worden van tafel geveegd. Anquetil, de laatste kampioen uit de oude tijd. Anquetil, de eerste kampioen in de nieuwe tijd.

Anquetil zegeviert in 8 grote rondes (5* Tour, 2* Giro en 1* Vuelta). Hij is de eerste kampioen die alle grote rondes weet te winnen. Met vijf Tourzeges is hij recordhouder, pas in het eerste decennium van deze eeuw overtroffen door Lance Armstrong met zeven zeges. In 1961 rijdt hij vanaf de eerste tot en met de laatste dag in het geel. Een nimmer geëvenaarde prestatie. In 1963 presteert hij hetzelfde in de Vuelta. Viermaal zegeviert hij in Parijs-Nice, evenals het Criterium der Azen. Hij wint Gent-Wevelgem, Luik-Bastenaken-Luik en liefst negenmaal de Grand Prix des Nations.

Anquetil verbetert tot tweemaal het werelduurrecord. Het werelduurrecord tot dan op naam van zijn grote voorbeeld Coppi. Zijn versnelling (53:13 – 8.54 meter per omwenteling) wordt nadien door Eddy Merkx (52:14 – 7.93) noch Francesco Moser (57:15 – 8.26) geëvenaard laat staan overtroffen. Hij trapt deze versnelling zonder een spier te vertrekken. Hij realiseert zijn prestaties op laaglandbanen. Merkx en Moser op hooglandbanen. Anquetil op een hooglandbaan. Het is er helaas nooit van gekomen.

Anquetil presteert het onmenselijke. Nog altijd wordt met groot respect gesproken over ongetwijfeld de meest unieke prestatie in de wielersport. 1965. Hij start in de Dauphiné Libéré. De Dauphiné Libéré is een zware Franse etappekoers ter voorbereiding op de Tour de France. In de Dauphiné Libéré zijn diverse cols van de eerste- en buiten categorie opgenomen. Hij besluit om direct, letterlijk, na afloop van de Dauphiné Libéré te starten in Bordeaux-Parijs een koers over bijna 600 kilometer. Deelname aan Bordeaux-Parijs vergt een lange en zeer specifieke voorbereiding. Hij finisht als winnaar om vijf uur ’s middags. ’s Nachts om half twee is de start in Bordeaux. In de tussen liggende uren moet hij nog een autorit maken van vijfhonderd kilometer.

Anquetil is nieuw in het gezelschap van echte bikkelaars. Hij gaat het onbekende tegemoet. Hij weet niet wat hem te wachten staat. Om half twee ’s nachts klinkt het startsignaal. De duisternis slokt het peloton op. Hij vindt steun bij ploeggenoot Jean Stablinski. De strijd tegen Tom Simpson, de favoriet voor de zege en de man die later zal sterven tijdens de Tour de France, kan beginnen. Hij vecht tegen regen, wind, mentale inzinkingen. Lijkt op te geven, doch herrijst telkenmale. Bijna 550 kilometer ligt hij in geslagen positie. Op de laatste helling lanceert hij een laatste krachtsinspanning van welhaast bovenmenselijk kaliber. Hij bewijst wederom zijn klasse. Hij is de allergrootste op dat moment. Een miljoen mensen zien de zege van de kampioen der kampioenen.

Jacques Anquetil, “Monsieur Chrono”,: de superkampioen met een grote mond, een klein hartje en een onvoorstelbare sterke wil. Een man die genadeloos afrekent met tegenstanders en iedereen die geen of onvoldoende vertrouwen in hem stelt. “Maître Jacques”: zowel tijdens zijn sportieve carrière als in zijn privéleven een mysterie.

 

Nieuwe column    <    Overzicht    >    Oude column

 © George Sports 2017